Harteman Wildfowl, presented by Jan Harteman

Wandering fluiteend (Trekkende fluiteend)

Dendrocygna arcuata

Wandering whistling duck (Wandering tree duck) 

Wanderpfeifgans / Dendrocygne à lunules

De Wandering fluiteend leeft in tropisch en subtropisch Australië, de Filippijnen, Borneo, Indonesië, Papua Nieuw Guinea en de Pacifische eilanden.

Er worden drie ondersoorten erkend:

 

  • D. a. arcuata (Horsfield, 1824) – Filippijnen, Zuidelijk Borneo, Sumatra, Java, Sulawesi, Molukken en Kleine Soenda-eilanden
  • D. a. pygmaea Mayr, 1945 – Nieuw-Brittannië, waar mogelijk uitgestorven; voorheen ook Fiji.
  • D. a. australis Reichenbach, 1850 – Zuidelijke Nieuw Guinea (laaglanden) en Noordelijk en Oostelijk Australië.

De vogels in Noordelijk Nieuw Guinea vormen een tussenvorm van de nominaatvorm arcuata en ondersoort australis

 

De Wandering fluiteend leeft in diepe lagunen en overstroomde graslanden langs de kust. Net als andere fluiteenden duiken ze op een typische manier op zoek naar voedsel op de bodem van het water. Het zijn omnivoren die tijdens het foerageren zowel zaden, waterplanten als ook insecten en slakjes eten. 

 

De soort heeft een groot verspreidingsgebied, met globaal een geschat oppervlak van 1,000,000-10,000,000 km². De populatie is groot en stabiel, al is niet met zekerheid te zeggen uit hoeveel dieren deze bestaat; cijfers lopen uiteen van 200,000-2,000,000 individuën (Wetlands International 2002). Ondanks dat neemt men aan dat de soort niet bedreigd is en daarom staat deze soort dus niet op de Rode Lijst van de IUCN.

 

In volière-milieu wordt de soort vrij regelmatig gehouden en kweekresultaten zijn positief, zowel in Europa als in de Verenigde Staten. Zoals voor elke fluiteend geldt, zijn Wandering fluiteenden gevoelig voor vorst en dienen derhalve in een beschutte omgeving te worden gehouden waarbij voldoende schoon en ijsvrij zwemwater ter beschikking is. 

 

Wandering whistling duck

 

Wandering whistling duck

 

Dendrocygna arcuata

Powered by liveSite Get your free site!